De wei in

In 1874 ontstaat in Engeland een nieuwe buitensport. De ontdekking van het vulcaniseringsproces maakt het mogelijk rubber ballen te produceren die goed stuiten op een zachte (gras)ondergrond. Zo’n twintig jaar later bereikt lawntennis een Nederlands provinciestadje met 9000 inwoners. Elektriciteit of stromend water is er nog niet, wel bittere armoede.

In mei 1897 behandelt de gemeenteraad van Wageningen een ingelast agendapunt. De heren Costerus en Pitsch, respectievelijk mede-eigenaar van een steenfabriek en docent aan de landbouwschool, willen een weiland huren van de gemeente ‘ten behoeve van hunner op te richten lawntennis-club’. In het gemeentearchief ligt nog een met hanenpoten geschreven aansporing aan de wethouder: of er tempo gemaakt kan worden met ‘het ingediende request’.

In 1896 is het kiesrecht weliswaar verruimd: van 14 naar 49 procent van de mannelijke ingezetenen, maar Wageningen wordt nog bestuurd door een welgestelde bovenlaag. Het verzoek valt in goede aarde. Voor 5 gulden per jaar krijgen Costerus en Pitsch  een weiland in gebruik ‘tegenover de Grift waar eertijds de nieuwe gasfabriek was geprojecteerd.’ Zeer waarschijnlijk lag deze tennisbaan aan de westkant van de kruising Lawickse Allee en Binnenhaven.

In 1901 geven deze pioniers er weer de brui aan, maar ook op andere plekken in de stad wordt al voor de eeuwwisseling getennist. In 1920 memoreert Timon  Schoevers oprichter van de NVLTB, ‘een zandbaan in het Bowlespark’ (toentertijd nog niet bebouwd) en ‘de weide van Daniëls’ een soort evenemententerrein langs de dijk. Studenten kalkten daar lijnen op het gras en spanden een oud visnet. ‘Als die baan buiten gebruik was, liepen de koeien er, wat het veld nog ongelijker maakte dan het al was.’

Tennishoeden te koop
Wageningse winkeliers zien al snel brood in het nieuwe tijdverdrijf. In 1889 adverteert de Bazar in de Nieuwstraat met ‘een groote sorteering zomerspelen voor Croquet, Lawn-tennis en Cricquet’. De firma Van der Laag heeft in 1895 ‘raquetten voor lawntennis’ en in 1903 prijst het Magazijn van Heerenmodeartikelen de tennishoeden aan. 

Ook hotels doen mee met de nieuwe sportrage  Vanaf 1905 adverteert De Wereld met twee nieuwigheden: een remise voor auto’s en een tennisbaan (cement). Een paar jaar later volgt De Wageningsche Berg met een ‘tennisveld’ (tegels als ondergrond). Nol in ’t Bosch heeft in 1904 echter de primeur met eveneens een cementbaan. Daar wordt jaren later de kiem gelegd voor de NVLTB.
Onze club heeft echter een voorganger: de Wageningsche Lawntennisbond, opgericht in 1912 om de krachten te bundelen van de kleine plukjes tennissers die in Wageningen en omliggende dorpen gebruik maken van de banen bij hotels en buitenplaatsen. Waar de leden gaan spelen, is niet duidelijk, wel dat in 1913 en 1914 wordt ingeschreven voor de competitie (in 1913 met alleen een uit- en thuiswedstrijd tegen Enschede). Uitslagen of wedstrijdverslagen ontbreken en het spoor loopt dood bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog.

Nieuws overzicht